Sajur Lodeh: verse groenten in kokosmelk

Sajur Lodeh (of Sayur Lodeh) is een heerlijk gerecht van verse groenten in kokosmelk. Heb je geen tijd voor het originele recept met veel kruiden, maar wil je toch een lekker groentengerecht? Dan is deze snelle variant erg lekker en toch eenvoudig! Ik heb het vandaag gemaakt van boontjes, spitskool, worteltjes en taoge. Je kunt gebruiken wat je in huis hebt.






Er kunnen ook nog bloemkoolroosjes, rebung (bambooshoots) en kouseband in. Je kunt zelf experimenteren met de groenten, maar hou wel in de gaten dat ze allemaal knappend moeten blijven. Pas dus de volgorde van koken aan

Ingredienten:
- half spitskooltje
- half pond boontjes of kouseband
- paar wortelen
- eventueel taoge of bloemkoolroosjes
- ui
- 2 knoflook
- santen of stukje kokosblok
- spaanse peper
- stengel sereh
- stukje laos van 2 cm.
- 2 salamblaadjes
- bouillonpoeder (ik gebruik altijd het losse kip- of rundvlees bouillonpoeder van Knorr van de Turkse winkel)
- zout
- olie
- 1 theelepel trassi
- volle theelepel suiker

Bereiding:
- trek bladeren los van de spitskool en was ze. Scheur ze daarna in grove stukken.
- was de boontjes en breek ze in stukjes
- snij de worteltjes in smalle schuine stukjes
- was de taoge en laat ze uitlekken

- verhit de olie en bak daarin de gesneden ui goudbruin, samen met de suiker, laos, sereh en salamblaadjes.
- voeg de knoflook, in smalle ringen gesneden spaanse peper erbij met de trassi (kijk uit voor aanbranden).
- wok dan de boontjes en worteltjes mee.
- blus af met een ruime hoeveelheid santen of als je kokosblok gebruikt met water (in het water ongeveer 3 cm kokosblok toevoegen, de hoeveelheid moet je aanpassen aan de hoeveelheid groenten). Sajur is een soort soep, dus de groenten moeten ruim in het vocht liggen.
- voeg bouillonpoeder en zout naar smaak toe.
- laat even koken tot de boontjes en worteltjes bijtgaar zijn (ongeveer 4 minuten).
- voeg dan de spitskool toe. Dit moet je echt op het laatste moment doen, want de kool moet knappend blijven.
- mocht je ook taoge gebruiken, dan mag je die pas toevoegen als het gerecht klaar is en het vuur uit is. Goed omroeren en het gerecht is klaar! Laat de laos, sereh en salam in het gerecht zitten tot je het gaat eten. De smaak wordt zo lekkerder.

Tip 1: verse santen is natuurlijk het lekkerste. Hiervoor moet je gedroogde kokos (of verse geraspte kokos) even laten weken in kokend water. Dan in een zeef boven een schaal de kokos uitknijpen en het vocht opvangen. De eerste keer is de dikste santen, maar je kunt het een paar keer doen om nog meer dunnere santen te krijgen. Voor een snel gerecht is een kokosblok erg makkelijk. Doe er niet teveel van in het gerecht, want sajur lodeh moet een beetje waterig zijn en dus niet een te dikke saus. Het moet een licht en vers groentengerecht zijn dat je bij de rijst kunt eten.

Tip2: Als je rebung (bambooshoots) gebruikt, dan kun je die het beste van te voren even een beetje afspoelen of even opkoken. Ze hebben een erg sterke smaak die het gerecht kunnen overheersen.

Tip3: Je kunt ook een paar petehboontjes (toko) meekoken. Ze stinken heel erg, maar in een gerecht geven ze juist een heerlijke extra smaak.

Rubriek: Indonesische recepten

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen